Onder het beschermheerschap van keizer Akbar in het 16e eeuwse India ontstonden de miniatuurschilderijen van Mogol. Deze kunstvorm bestond voornamelijk uit miniatuurportretten met motieven, meestal als onderdeel van koninklijke herdenkingsalbums. De techniek werd door de generaties heen doorgegeven door middel van leertijd en familiebanden.
De keizerlijke schilder Govardhan bloeide op tijdens drie generaties van Mogol-keizers en stond bekend om zijn verfijnde portretten. Hij maakte deze bijzondere illustratie tijdens het bewind van Akbar's kleinzoon, keizer Sjah Jahan (die later de Taj Mahal zou bouwen). Het portretteert de keizer zittend op de verloren gegane Peacock Throne (Pauwentroon).
Er zijn verschillende artistieke weergaven en historische verslagen van Sjah Jahan's begeerde Pauwentroon, die in 1628 in opdracht werd gemaakt. Het werd beschreven als een omsloten bed-achtig platform op palen, onder een baldakijn ondersteund door 12 kolommen. De naam is afgeleid van het ontwerp dat twee pauwen bedekt met juwelen toonde. De Franse juwelier Jean-Baptiste Tavernier bezocht Delhi in 1665 en had de benijdenswaardige kans om de troon persoonlijk te inspecteren. Zijn reisverslagen geven een gedetailleerd overzicht van de versieringen met honderden edelstenen, waaronder parels, diamanten, robijnen en smaragden. Het duurde zeven jaar om dit grandioze kunstwerk te voltooien en men denkt dat het twee keer zoveel kostte als de Taj Mahal!
De Perzische heerser, Nadir Sjah, viel Delhi binnen in 1739 en versloeg Sjah Jahan's nakomeling, keizer Mohammed Sjah. De veroveraar nam de troon en verschillende andere onschatbare Mogol kunstvoorwerpen in beslag. Nadat Nadir Sjah in 1747 in Iran werd vermoord, gebruikten plunderaars de dekmantel van de daarop volgende anarchie om de troon te ontmantelen en onder elkaar te verdelen.
Met ontwerpen die doen denken aan het origineel van Sjah Jahan, creëerden de Mogol en Perzische vorsten meer prachtige tronen die ook treffend de uitzonderlijke weelde van beide grote rijken uitstraalde.
- Maya Tola